Auteur: Ivo van der Mark
Ik maak onderdeel uit van een waslijst aan groepen: Het Legioen (zit in mijn hart), de Vogelspotters (mijn hobby), de buurt-whatsappgroep (praktisch) en daar is het circulaire LAB100 van JAJO bij gekomen. Niet direct sexy, maar wel verrekte belangrijk.
Clubjes (of communities) vertellen of verraden wie je bent. En zonder dat je het beseft, ben je zomaar onderdeel van een hele sliert aan van die groepen. Voor de een hoef je zero moeite te doen, dat ben je al vanaf je geboorte, voor de ander werk je een hele leven lang (tevergeefs) om er bij te mogen horen …
Ik deed de proef op de som en best snel telde ik 25 groepen die de satéprikker in mijn dagelijkse leven zijn. Van de ene groep ben ik lid (Oud Tafelaars), bij de ander hoor ik vanwege mijn leeftijd (Gen X, net geen Y) en toen ik later ook communities ging meetellen, kwam ik tot groepen waar ik actief participeer (Holland Property Plaza) of soms zelfs voortrekker ben (Fam. Van der Mark).
Je schijnt ze nodig te hebben als moderne mens: groepen zijn een sociale uitlaatklep (Feyenoord-fans), verrijken je leven (Zeilvrienden) en geven je richting (Politieke stroming).
Ga zelf maar eens tellen. In hoeveel groepen ben jij actief?
En bedenk je dan eens welke vragen er allemaal spelen en/of voorbij komen in de groepen waar jij met veel plezier of tegen wil en dank onderdeel van uitmaakt. Het zal je verbazen en het is moeilijk om soms een glimlach te onderdrukken. Je ziet ingesleten patronen en terugkerende gedragingen in de communicatie-uitingen van de groepen.
De familie-app (Hoe laat ben je thuis, wat gaan we eten?), het Directieteam (Nog onderwerpen voor de volgende vergadering?), Zeilcompetitie-team (Halloooh, wie kan er dit weekend varen, we missen er nog één?!), Tie of Friendship – mijn dispuut sinds ’98 (Wanneer gaan we weer eens ouderwets bier drinken mannen?), Vastgoedsociëteit (Zo Willem, klapper gemaakt jongen? Goed bezig!).
Ben ik hier onderdeel van? Ja dus!
De ene groep is de andere niet. Je hebt groepjes die organisch groeien (Mijn kitesurf-maten), clubjes waar je in al je ambitie bij wilt horen (top 10-bouwbedrijven van Nederland), verenigingen waar je blij van wordt (plaatselijke sport) en communities waar je per se niet bij wilt horen (rellende demonstranten op het Malieveld).
Soms valt er een groep af (De Ronde Tafel Rotterdam), omdat ik te oud werd. Veertig plus. En voor je het weet, komt er weer een nieuwe groep bij. Net voor de bouwvak startte ik er zelf eentje bij JAJO. LAB100. Leveranciers en samenwerkingspartners participeren daarin. We werken samen aan een Manifest voor een circulaire bouwketen en gaan daarna actief samenwerken aan die circulariteit.
Ik ben initiatiefnemer en dat zorgt voor wat extra kilo’s verantwoordelijkheid voor mij in deze groep. Mensen in de zaal kijken naar je. Verwachten een duidelijke richting, terwijl ze niet alleen willen luisteren, maar ook willen meedenken en bijdragen. Dat is de kracht van een club.
Ik zorg dat mensen aangesloten blijven. Enthousiast en geïnteresseerd. Dat geeft een zekere persoonlijke groepsdruk. Zo voelt dat voor mij. En dat het niet makkelijk wordt, voorspel ik nu al.
Circulariteit is een modewoord, niemand is er tegen, maar als er gevraagd wordt of jij wilt meedoen en er zelfs nieuwe keuzes voor wilt maken die misschien wel ingrijpend zijn voor de portemonnee op korte termijn, dan is de club misschien toch niet de allerleukste …
Ik probeer te boeien en te verbinden. Vertel verhalen over China die 80 procent van de mijnen in de wereld heeft opgekocht en daarmee een soortgelijk percentage van alle kritische materialen in handen heeft. Grondstoffen die we nodig hebben om auto te rijden, om digitaal te communiceren en natuurlijk om de bouwopgave te realiseren.
Dat de conclusie dan uiteindelijk simpel is: circulariteit is op dit moment niet goedkoper dan traditionele bouw, maar de toepassing van lineaire materialen is een doodlopende weg.
In gedachte formuleer ik alvast een paar populaire zinnen ten overstaan van de groep: “Willen jullie meer of minder woningen in Nederland?”
“Meer, meer, meer”, roept de groep dolenthousiast in koor. “Ivo for president”.
Nee, zo zal het niet gaan. Gelukkig niet.
Ondertussen probeer ik de toekomstige groep te vermijden: die van mannen in de midlifecrisis. Statistisch gezien val ik binnen de window van 40 – 55 jaar, maar ik heb nog geen plannen voor een rode cabrio, Harley Davidson met motorjack of soloreis deze winter naar Medellín of Patagonië.
Ik heb het veel te druk.